Home > Vocabulary > Verbs > kiezen

kiezen– to choose, select

Infinitive · Irregular verb · stem = kies- · Uses hebben

Kiezen means to choose or to select between options.

 

You use kiezen when you make a decision, for example about:

  • a study

  • a job

  • food

  • clothes

  • plans

  • options


Common structure

kiezen voor + noun

This is the most important structure to learn.

Ik kies voor deze studie.
Ik heb voor deze baan gekozen.

⚠️ Always use voor after kiezen.

Most important forms

Tense Example
Present
ik kies (I choose)
Past
ik koos (I chose)
Perfect
ik heb gekozen (I have chosen)

Full conjugation of kiezen

  • ik kies
  • jij kiest
  • hij / zij / ze kiest
  • wij kiezen
  • jullie kiezen
  • zij kiezen

    Irregular vowel change:
    kiezen → kies
  • ik koos

  • jij koos

  • hij / zij / ze koos

  • wij kozen

  • jullie kozen

  • zij kozen

Auxiliary verb: hebben

  • ik heb gekozen

  • jij hebt gekozen

  • hij / zij / ze heeft gekozen

  • wij hebben gekozen

  • jullie hebben gekozen

  • zij hebben gekozen

Example:

Ik heb voor deze baan gekozen.

⚠️ Always: gekozen + voor

  • Formed with zullen

    • ik zal kiezen

    • jij zult kiezen / zal kiezen

    • hij / zij / ze zal kiezen

    • wij zullen kiezen

    • jullie zullen kiezen

    • zij zullen kiezen

    Example:

    Ik zal voor een andere optie kiezen.

  • Formed with zou / zouden

    • ik zou kiezen

    • jij zou kiezen

    • hij / zij / ze zou kiezen

    • wij zouden kiezen

    • jullie zouden kiezen

    • zij zouden kiezen

    Example:

    Ik zou voor deze studie kiezen.

Common mistakes

Ik kies deze studie.
Ik kies voor deze studie.

Ik heb gekozen deze baan.
Ik heb voor deze baan gekozen.

Ik ben gekozen voor deze studie.
Ik heb gekozen voor deze studie.

Ik kies op deze optie.
Ik kies voor deze optie.

How kiezen is used

Common patterns

  • kiezen voor + noun

  • kiezen voor + option / person / plan

Examples

  • Ik kies voor deze studie.

  • Zij kiest voor een andere baan.

  • We hebben voor de fiets gekozen.

  • Waarom heb je voor deze optie gekozen?


With reasons (very common)

Kiezen is often combined with omdat:

  • Ik heb voor deze studie gekozen, omdat ik het interessant vond.

  • We kiezen voor de trein, omdat het sneller is.